Nieuw radiosondesysteem

Eind mei 2007 werd het meer dan 17 jaar oude ontvangstsysteem voor radiopeilingen vervangen door een moderne installatie. Deze vervanging werd mogelijk gemaakt door een toelage van de Nationale Loterij, in het kader van haar financiering van uitrusting voor wetenschappelijk onderzoek en publieke dienstverlening.


Sinds juni 2007 worden op het KMI de 3 ozonpeilingen per week (op maandag, woensdag en vrijdag) uitgevoerd met de nieuwste generatie van een radiosondesysteem. Tijdens een radiosondepeiling wordt een meetinstrument, de radiosonde, opgelaten met een weerballon, zodat er metingen bekomen worden van de temperatuur, de relatieve vochtigheid, de luchtdruk en eventueel de hoeveelheid ozon in functie van de hoogte. Deze gegevens, tot op een hoogte van ongeveer 30 km, worden via radiogolven (in de meteorologische band rond 400MHz) naar het ontvangstsysteem verzonden. Uit de positie van de sonde worden dan de windsnelheid en windrichting afgeleid.

Het nieuwe radiosondesysteem heeft een groot aantal verbeteringen ondergaan in vergelijking met het vorige, dat het KMI vanaf 1990 in dienst had. Enkele van de voornaamste nieuwigheden worden hierna vermeld.
• Ten eerste gebeurt de positiebepaling van de sonde nu via het alom ingeburgerde gps, dat een nauwkeurigere bepaling van de windsnelheid en –richting mogelijk maakt. Bij de vorige generatie radiosondes gebeurde de positiebepaling immers nog via het zgn. LORAN-C (LOng RAnge Navigation) systeem, dat via een netwerk van grondstations die radiogolven uitzenden, de positie van de sondes berekende.
• Een tweede groot voordeel van het nieuwe radiosondesysteem is de digitale ipv analoge datatransmissie, wat een meer continue datareeks garandeert.
• Ook de ijking van de radiosonde op de grond, vóór de lancering, is in vele opzichten verbeterd. Zo wordt de temperatuur van de sonde automatisch bepaald met een tweede, onafhankelijke thermometer en worden de sensoren die de relatieve vochtigheid opmeten verhit. Op die manier wordt de chemische contaminatie van deze sensoren vermeden.
• Tenslotte biedt een verbeterde software meer mogelijkheden voor de controle van de metingen en de visualisatie van de resultaten.
Samen met het nieuwe radiosondesysteem werd ook een nieuwe generatie radiosondes zelf in gebruik genomen, die voor alle meteorologische parameters (temperatuur, relatieve vochtigheid en luchtdruk) nauwkeurigere metingen opleveren.

Met dit nieuw radiosondesysteem zijn we beter gewapend om onze historische databank van (ozon)peilingen (al vanaf 1969!) te Ukkel ook de volgende jaren kwalitatief uit te breiden. Deze databank van atmosferische profielen van temperatuur, relatieve vochtigheid en ozonhoeveelheid biedt zeer interessante mogelijkheden voor een wetenschappelijke tijdreeks- en trendanalyse, zeker in het kader van globale klimaatverandering die de media beheerst. Dit onderzoek gebeurt vaak in samenwerking met binnen- en buitenlandse onderzoeksgroepen.

 
  • De operatoren initialiseren de ontvangstinstallatie voor de start van de peiling
  • De radiosonde wordt verbonden met de ozonsonde
  • De ballon en de sonde zijn klaar voor de lancering
  • Het team voor de ontvangstantenne
1 2 3 4