De droge maand april van 2007

Tussen 31 maart 2007 en 7 mei 2007 heeft het geen druppel geregend te Ukkel. In alle gekte die er de laatste jaren heerst rondom de klimaatsverandering, was het dan ook groot nieuws dat er opnieuw een record werd neergehaald, namelijk dit van de langste droge periode ooit, waargenomen te Ukkel. Het vorige record dateerde van het jaar 1887 met 35 opeenvolgende dagen zonder neerslag te Ukkel en nu, vanaf 2007, staat dat officieel op 36 opeenvolgende dagen zonder neerslag. Let wel, hoewel het inderdaad een langdurige droge periode is geweest, heeft het wel degelijk op enkele plaatsen in de Ardennen geregend op het einde van de maand april, zij het door enkele lokale buien.

De onderstaande figuur toont het verloop van de neerslag waargenomen te Ukkel tussen 15 maart 2007 en 15 mei 2007.

 

De atmosferische situatie die dit fenomeen veroorzaakte was een zgn. “blocking”, waarbij zich een warme anticycloon nestelt boven West-Europa en tegelijkertijd een “cut-off low” over het Westelijke deel van het Middellandse Zeebekken. De figuur hieronder toont perfect de verdeling van de atmosferische druk aan op ongeveer 5 km hoogte op 15 april 2007 om middernacht (met dank aan collega Andy Delcloo).

 

Zondag 15 April 2007, 00 UTC, 500 hPa verdeling geopotentiële hoogte (isohypsen) + temperatuur (gekleurd) Bron: ECMWF

 

In zo’n situatie worden de neerslagzone’s, verbonden aan atmosferische storingen, veilig uit onze buurt gehouden. Vaak is het dan ook heel zonnig en in deze periode van het jaar kan het ook al erg warm zijn voor de tijd van het jaar, wat nu ook het geval was en zoals getoond in onderstaande figuur. De koude bovenlucht in het westelijke deel van de middellandse zee brengt daar dan weer vaak erg onstabiel weer. Zo’n blocking situatie betekent ook vaak in onze streken een stabiele weerssituatie voor een langere periode, alhoewel dit geen garantie hoeft te zijn.

 

De toeristische sector was in zijn nopjes met de paasvakantie die er middenin viel, de man in de straat vond zo’n voorproefje van de zomer tijdens de lente ook best aangenaam, dat konden ze ons al niet meer afnemen! De landbouwers daarentegen zagen met lede ogen toe hoe hun gezaaide of geplante groenten maar moeilijk of niet tot ontwikkeling kwamen.

Maar was de droogte van april 2007 dan wel zo dramatisch? Kan die droogte niet op één of andere manier gekwantificeerd worden, waardoor vergelijkingen met andere droge perioden mogelijk wordt? Hiervoor kan de Keetch-Byram droogte index (KBDI) gebruikt worden. Dit is een index die een maat geeft van het tekort aan water in de bovenste laag van de aardbodem. De index is opgesteld in de Verenigde Staten om de droogte van de grond te bepalen als informatiebron voor de brandweerlui, welke wel eens meer met droge perioden en daaruit voortvloeind brandgevaar moeten rekening houden.

De index gaat ervan uit dat in een volledig verzadigde bovenste aardlaag, ongeveer 70 tot 90 cm dik, een equivalent aan water zit met een dikte van 8 duim (= inch en 1 inch = 2.54 cm). In een volledig droge bovenste aardlaag is er dus door verdamping een deficiet van 8 inch aan water. Deze KBDI wordt éénmaal per dag bepaald. Hij wordt berekend uit de maximum temperatuur van de dag, een maat voor de hoeveelheid verdamping, de gevallen hoeveelheid neerslag tijdens de afgelopen 24 uren en het klimatologisch jaargemiddelde van de neerslag voor de betreffende streek, genomen als maatstaf voor de plaatselijk ontwikkelde vorm van vegetatie. De KBDI stijgt dus dagelijks met de maximumtemperatuur en hij neemt af met de hoeveelheid gevallen neerslag over de laatste 24 uren. De figuur hieronder geeft het door ons berekende jaarlijkse verloop van de KBDI in Ukkel voor de meest extreem droge jaren sinds het bij velen best in de herinnering gebleven jaar 1976. De figuur bevat ook het verloop van een klimatologisch gemiddelde KBDI, berekend over alle jaren sinds 1976 (inbegrepen). De y-as stelt het tekort aan water in de grondlaag voor en de eenheid ervan is, zoals gebruikelijk, uitgedrukt in ‘hondersten van een inch’. De uiterste waarden van de KBDI liggen dus tussen 0 en 800. De getallen in de figuur onder het woord ‘Surf’ zijn de berekende oppervlakten onder de KBDI-curve voor het hele kalenderjaar. Voor het huidige jaar kan die waarde nog niet berekend worden.

 

Sinds het begin van de bestaande waarnemingen die aanwezig zijn in de databank van het KMI, d.i. het jaar 1952, blijkt dat het jaar 1976 het droogste jaar ooit is geweest, d.w.z. de hoogste dagelijkse KBDI en de grootste oppervlakte onder de KBDI-curve van een heel kalenderjaar. Als we die oppervlakten onder de KBDI-curve als maatstaf nemen, kunnen we de droogte van de opeenvolgende jaren, sinds het beginjaar 1952 tot voorig jaar 2006, als volgt voorstellen:

 

Hieruit blijkt dat de top 5 van de droogste jaren in Ukkel sinds 1952 in volgorde bestaat uit: 1976, 1959, 1995, 1983 en 1955. Van de meest recente jaren blijkt ook het jaar 2003 bij de top 8 te behoren, maar daarvan zal ons vooral de zomerse hittegolf met zijn exces aan overlijdens bijgebleven zijn. We zien dat ook het jaar 2006 bij de top had kunnen behoren, ware het niet dat er de overvloedige regens van eind augustus waren geweest, wat ons nog fris in het geheugen zit. Dit bewijst dat de KBDI ook tijdens de zomermaanden helemaal tot nul kan worden teruggebracht, als er maar voldoende neerslag valt. Het is dan ook niet verwonderlijk dat op elk jaareinde, door de lage maximumtemperaturen en de neerslag in de winter, de grond opnieuw helemaal verzadigd geraakt en daardoor de KBDI in ons land telkens opnieuw naar ‘nul’ wordt teruggebracht. Dit duurt meestal ongeveer 3 maanden.

Het voorjaar 2007 valt vooral op doordat het nog nooit zo vroeg in het jaar zo droog is geweest. Het was dan ook veel droger dan wat men klimatologisch had kunnen verwachten. Zelfs in 1976 was het in april helemaal nog niet zo droog. Maar, zoals uit de figuur blijkt, de neerslag tussen 8 en 21 mei (laatste gegevens in deze figuur zijn deze van 28 mei) zorgde ervoor dat alles te herdoen was (bij manier van spreken): de KBDI viel bijna volledig terug op nul.

Concluderend kunnen we zeggen dat de aprilmaand 2007 uitermate droog was, maar helemaal nog geen droogtewaarden bereikte zoals deze zich kunnen voordoen in het zomerseizoen. De reden daarvoor is dat de maximumtemperaturen nog geen extreem waarden bereikten van boven de 30°, zoals dat tijdens de zomermaanden wel kan gebeuren. Natuurlijk viel die droogte juist op een slecht moment, nl. wanneer het nieuwe zaad moet kiemen en de jonge plantjes volop moeten groeien. Gelukkig voor de lanbouwsector was ze maar van beperkte duur


Ludo Van der Auwera
Mei 2007