Anticycloon (hogedrukgebied)

Hogedrukgebied en anticycloon zijn synoniemen. Dit is een gebied met gesloten isobaren en in het centrum ligt de hoogste druk. Op de weerkaarten wordt dit aangeduid met een "H". Het bekendste hogedrukgebied is dat van de Azoren. Soms ligt er een uitloper van de anticycloon der Azoren boven onze streken. Men spreekt ook van een mobiele hogedrukwig wanneer de luchtdruk tijdelijk stijgt tussen twee storingen.

Bij een anticycloon in het noordelijk halfrond draait de wind in wijzerzin. In het zuidelijk halfrond draait de wind in tegenwijzerzin. Door de corioliskracht waait de wind niet rechtstreeks van een hogedruk- naar een lagedrukkern maar stroomt hij parallel aan de isobaren. Door de wrijvingskracht echter zal de wind in de onderste lagen van de atmosfeer een hoek van ongeveer 30° maken met de isobaren, in het geval van een hogedrukgebied van de hogedrukkern weg.

Belangrijk bij hogedrukgebieden is dat de lucht in de atmosfeer op grote schaal een dalende beweging maakt. Door die daling warmt de lucht op (adiabatische opwarming) en daalt de relatieve vochtigheid. In hogedrukgebieden is het weer dan ook vaak zonnig en rustig. Maar dat is niet altijd het geval. Veel hangt immers af van de ligging van de hogedrukkern zelf. Ligt die kern bijvoorbeeld boven de Britse Eilanden dan bereikt vochtige Noordzeelucht ons land. Er is dan kans op lage bewolking en mist, eventueel ook motregen.

Door de dalende beweging in de hoogte ontstaat er bij belangrijke anticyclonen een zogenaamde subsidentie-inversie. Onder die inversie zijn de luchtbewegingen beperkt en kan luchtverontreining een probleem worden. De inversie kan soms tot enkele honderen meter boven het aardoppervlak zakken zodat de Ardennen dan boven de inversie uitsteken. In dat geval is het in de winter soms zachter en zonniger in de Ardennen dan in het centrum van het land.

 

 

Aanverwante begrippen

Depressie

Warmtefront

Koufront

Occlusie

Buienlijn