Weer

Weerkaarten

Algemene luchtgesteldheid boven Europa

De volgende dagen wordt het weer in West-Europa bepaald door onstabiele of verstooorde lucht, die hierheen wordt gebracht door verscheidene Atlantische depressies. Het is er dus zeer wisselvallig met perioden van (soms intense) regen of buien. De maxima liggen lokaal in de buurt van 15 graden in Duitsland en Nederland.

Ook het westen van het Middellandse-Zeegebied krijgt wisselvallig weer, met vaak regenperiodes en buien over een groot deel van het Iberisch Schiereiland. Boven de Ligurische Zee diept zich trouwens een depressie uit, die soms intense buien en onweer naar Italië stuurt vanaf zondag. In het begin van de volgende week trekt dit onstabiele weer naar de Balkan en Turkije.
In de Pyreneeën, het Centraal Massief en de zuidelijke flank van de Alpen kan er sneeuw vallen soms vrij veel.

Een hogedrukzone boven Rusland wordt geleidelijk afgelost door een nieuwe anticycloon die tot ontwikkeling komt boven Scandinavië. Bijgevolg wordt het er overwegend droog, maar het blijft koud met temperaturen die overdag moeilijk boven het vriespunt komen en 's nachts vrij diep kunnen zakken (tot rond -15 graden in Lapland). Zondag zijn er in het noorden en het oosten van Finland enkele sneeuwbuien mogelijk. Ook in het zuiden van Noorwegen en Zweden kan er wat winterse neerslag vallen. Deze wordt veroorzaakt door de restanten van storingen die vanuit het Middellandse-Zeegebied via Centraal-Europa noordwaarts trekken.
Het uiterste oosten van Europa geniet, dankzij de nabijheid van de hogedrukgebieden van meestal droog weer.

Legende van de frontkaarten

 

Oranje visgraatlijn: "convergentielijn" => duidt een zone aan waar de wind aan de oppervlakte samenstroomt. Deze convergentie aan de oppervlakte wordt geassocieerd met verticale opwaartse bewegingen, die vaak aanleiding geven tot een buienlijn of onweer. De convergentie kan in verband worden gebracht met twee samenkomende windfluxen, elk vanuit een verschillende richting, of met de aanwezigheid van een luchtlaag die warmer en vochtiger is dan zijn omgeving (thermische vore of thermisch lagedrukgebied).
Zwarte stippellijn: "trog"=> veroorzaakt verticale opwaartse bewegingen en leidt vaak tot stortbuien en/of een intensivering van de onweersactiviteit. In een trog is meestal een buienlijn aanwezig.
Rode lijn met halve cirkels : "warmtefront" => aanvoer van warmere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde warme lucht en de koude lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De positie van de halve rode cirkels toont de richting van de verplaatsing van het warmtefront.
Blauwe lijn met driehoeken : "koudefront" => aanvoer van koudere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde koude lucht en de warme lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De plaatsing van de driehoekjes duidt de richting aan waarin het koudefront zich verplaatst.
Paarse lijn met driehoeken en halve cirkels : "occlusiefront" => resultaat van de fusie tussen een warmte- en een koudefront. In het algemeen beweegt een koudefront sneller dan een warmtefront. Het haalt het warmtefront in om een uniek wolkensysteem te vormen, dat vaak aan de bron van neerslag ligt.
Afwisselend rode/blauwe lijn : "stationair front" => stationaire grens tussen een koude en een warme luchtmassa. De warme lucht bevindt zich achter de rode halve cirkels en de koude lucht bevindt zich achter de blauwe driehoeken.

Cookies opgeslagen